Travelwire






Dag 8: Port Lockroy

Donderdag 16 maart

Na een goede nacht volgt de morgen met de eerste ijswacht. Er moet gewaarschuwd worden als er grote of vrij grote ijsschotsen op de route liggen. De roerganger kan dan corrigeren. Het mag maar ÚÚn kwartier en je moet ôin het harnasö, aangelijnd dus. Zo sta ik dan samen met de kleine, maar pittige oude dame, Ruth, op het voordek.

Het is fantastisch om buiten te komen en ineens al dat ijs te zien. Majestueuze ijskappen, zwarte pieken, grillig gevormd, met 'poedersuiker' bestrooid. Dan doemt de Britse poolbasis Port Lockroy op: een zomerhuisje met donkere wanden, witte ramen, rode dakrand en rode deur. Daarnaast wappert fier de Engelse vlag. We varen de baai in en gaan voor anker. Het weer was vannacht niet best, nu wordt het langzaam aan wat beter. Gelukkig, anders zouden we niet eens aan land kunnen gaan: de Zodiak vaart niet bij slecht weer. De landing bij Port Lockroy is wel eenvoudig. We kunnen in de Zodiak, vanaf de Europa is dat slechts een eenvoudig overstapje bij zulk rustig water. Een klein stukje varen, en we stappen aan land in Antarctica: Goudier Island, 64║ZB/63║WL! Na een week van zeeziekte ben ik nu landziek - ook een rare ervaring, je deint gewoon nog na.

De poolbasis is nu een museum en het is gedurende de zomer bemand. Er wordt druk gehandeld in ôPort Lockroy spullenö, postzegels en posters. Ik wil er twee kaarten op de post doen, maar heb mijn geldbuidel aan boord laten liggen. Ik draag hem altijd op het lijf, maar ging vanmorgen douchen... Gelukkig kan ik van Melchior wat geld lenen. Zo kunnen Rutuja en Renuka als eersten hun kaartje ontvangen. Qua vogels hebben we hier aalscholvers, pingu´ns, jagers, meeuwen, poolkippen en sterntjes. Het is jammer dat het zo regent, want dat komt de foto's niet ten goede. De Ezelspingu´ns zijn koddig. Ze trekken zich weinig van ons aan. De meeste vogels uit de kolonie zijn al verdwenen. Er zijn nog wat ruiende jonge vogels en adulten over, ik schat hun aantal via nattevingerwerk op zo'n 300 exemplaren. Ze maken ruzie of poedelen wat in het ijskoude water. Enkele vogels schieten als dolfijnen door het zilte nat, inclusief de sprongetjes - een prachtig gezicht. Een jager (een roofvogelachtige meeuw) doet zich tegoed aan een rottend lijk van een Ezelspingu´n. Er liggen er heel wat, want het was een moeilijk seizoen voor de pingu´ns. Er zijn er heel wat doodgegaan van de honger. Ze zijn hier trouwens ook pas sinds de jaren '70. De poolkippen scharrelen onbekommerd rond en eten alles wat ze pakken kunnen. Ze letten helemaal nergens op, lopen gerust door de deur de poolbasis binnen, om daar naar iets eetbaars te zoeken. En eetbaar is voor deze beestjes werkelijk alles! Ik ben met de tweede boot gekomen en ga met de eerste boot weer terug. Als het zo regent als nu, heb je het hier snel gezien. De tocht terug zorgt voor stuifwater, want we varen tegen de wind in. Het ijs laat af en toe een geluid als van onweer horen, als er een scheur in de enorme massa slaat. Imponerend!

Aan boord volgt het middageten, waarna ik rustig mijn verslag kan bijwerken: de boot ligt heerlijk stil. Verder besteed ik de tijd nuttig door de foto's op mijn X-drive beter op te slaan. Het is al snel een rommeltje, omdat ik daarop zonder computer geen mappen kan aanmaken. Ik mag echter de laptop van Melchior gebruiken - wow! Zo kan ik meteen ook de foto's bekijken. Soms vallen ze tegen, niet scherp. Maar er is zeker wel een mooie serie van te maken en er zitten leuke vogelfoto's tussen.

's Avonds is er een barbecue-party! Ze hebben er werk van gemaakt: over het maindeck is zeil gespannen, een slinger van lichtjes geeft een feestsfeertje, er is een tafel met een piramide van bierblikjes, het ziet er prachtig uit. Op het tafelkleed liggen ijsblokken, vers uit het water opgevist. Ze vriezen direct aan het kleed vast. Op een andere tafel staan stokbrood, kruidenboter, salade en sausjes. Op de bankjes daaronder zijn schalen met vlees neergezet: worst, hamburgers, karbonade, vleesspiesen - 't is een fantastische barbecue. Af en toe komen er forse ijsschotsen, die van de gletsjers zijn afgebroken, langsdrijven. Het bier is gratis, Vincent heeft een fles Oude Jenever uit een supermarkt in Ushuaia meegenomen, hij deelt er kwistig mee rond.

Ook de driekoppige bemanning van Port Lockroy is uitgenodigd. Er worden drie Port Lockroy-items verloot. Raymond heeft de hoofdprijs: een aquarel van twee Ezelspingu´ns. De tweede prijs, een magneet, is voor Ruth. De derde prijs is iets onbenulligs, een sleutelhanger of zo, voor onze keukenprinses Marijke. Feestnummer Frits laat elke keer een groot gejuich horen als het getrokken nummer genoemd wordt. Hij staat heftig te zwaaien met zijn omvangrijke strook lootjes, maar heeft dus telkens niks. Totdat de troostprijs, een ôPort-Lockroy-dinner-for-twoö aan de beurt is. Frits is de klos en iedereen ligt dubbel van het lachen. Als hij de volgende morgen het pakket openmaakt, blijkt pas hoe erg het is: een soort noodrantsoen met een kaars als toevoeging, om het romantisch te maken! De bemanning van dit poolmuseum vindt de Europa ÚÚn van de gaafste schepen die hun eilandje aandoen. Ze krijgen soms ook wel immense cruiseschepen, met teveel passagiers voor hun kleine basis. Dan zijn ze de hele dag bezig met de aan- en afvoer. Sommige passagiers bewegen zich aan boord voort met een rollator! En die bakbeesten van schepen zijn ook nog eens uitgerust met hele rijen gokautomaten. Tja, wat is een poolreis dan nog... Het feest gaat nog lang door en als de meeste mensen inmiddels in hun kooi liggen, wordt er nog stevig op het dek gestampt. 't Is inderdaad echte rampstampmuziek. Ik denk dat de pingu´ns van Port Lockroy voorlopig wel van de leg zijn...