Travelwire





Zicht op Kaapstad

Dag 50: Kaapstad II

Donderdag 27 april

Het schip is alweer in beweging als ik boven kom. Het dek is netjes leeggeruimd, ondanks dat er nog lang gefeest is. Mooi morgenlicht valt op de Tafelberg. We gaan tussen de strekdammen door, de haven in. Onze ligplaats is Cape Grace Hotel. Omdat het een nationale feestdag is in Zuid-Afrika, mag alleen het schip ingeklaard worden. Morgen komen de paspoorten aan de beurt. Gelukkig mogen wij wel van boord. De geplande tocht met havenautoriteiten op die dag gaat trouwens niet door.

Het ontvangstcomité

Eerst maar eens ontbijten. Op de kade staat het inmiddels vol met gasten van de Zuid-Afrikaanse trainees, ook de nieuwe bemanning staat uitbundig naar ons te zwaaien. Tijdens het ontbijt komen zij al aan boord om het schip te bezichtigen, inclusief de hutten. Niet netjes: er liggen nog mensen in hun kooi en er zijn kostbare fotospullen en laptops aanwezig en het zou niet de eerste keer zijn dat er ineens spullen weg bleken. Ze zouden oorspronkelijk later aan boord komen… Enfin, een goed moment om de zaken bij Melchior en Dineke te brengen, die kunnen hun hut afsluiten. En de fototas gaat uiteraard vandaag met mij mee.

Om 9.15 uur vertrekken wij (Hans, Joke, Raymond, Dineke, Melchior en ik) naar het Robbeneilandmuseum. Maar we moeten eerst geld halen en willen ook naar de Tourist Information. Geen probleem, alles ligt dicht bij elkaar. Binnen de kortste keren is het geregeld, de boot naar Robbeneiland vertrekt pas om 10.45 uur – tenminste, dat is de ‘boarding time’. We hebben dus ruimschoots de tijd om het kantoor van de Tourist Information te bezoeken. Ik wil een shuttlebus regelen naar het vliegveld, want morgenavond vertrek ik, als eerste van de opvarenden buiten Zuid-Afrika, naar huis. Het lukt me niet zo één-twee-drie, want ze vragen R130,-, terwijl er volgens de Lonely Planet zoiets moet zijn als een Backpackers Bus, die hetzelfde ritje voor R90,- doet. Ik wil dat toch nog even uitzoeken en spreek dus nog niets af. Hans en Joke zoeken een wijntoer uit en Melchior en Dineke nemen wat folders mee. Met Hans en Joke drink ik op een terrasje aan de haven nog een bakje koffie, de anderen lopen alvast naar het museum. In het water zwemt een Afrikaanse Pelsrob. Intussen komt de Europa langsvaren. Weer dezelfde taferelen van enthousiaste mensen, die haastig naar camera’s grabbelen en elkaar met glimmende ogen aankijken. Ja-ja, ’t is toch wel een prachtschip…

We gaan aan boord van de Autshumato en die speert er werkelijk vandoor, tussen de pieren door, buitengaats. Inmiddels is de Europa volledig onder zeil gegaan, wat mooie foto’s oplevert. Al snel zijn we op Robbeneiland. We gaan de bus in. Hans en Joke zijn al in een andere bus verdwenen. Zij hebben zich ontfermd over een gehandicapte man in een rolstoel. De oude man en zijn familie vinden dat zo leuk, dat ze hen uitnodigen om mee te gaan (in een minibusje) en vragen of ze daarna ook met hen mee willen naar hun huis in Kaapstad. Ze zullen weer netjes teruggebracht worden aan het einde van de middag.

Kaapse Meeuw

Hartlaubs Meeuw

Intussen gaan wij dus in een andere bus, met heel veel mensen. De mobiele telefoons moeten uit, als er toch eentje afgaat kost dat R50,- boete. “En gaat-ie dan weer af, dan hebben wij hier wel accommodatie voor u. Dan mag u proberen president te worden als u er uit komt.”

Op het eiland zijn onder andere Springbokken uitgezet

De rondleiding wordt verzorgd door ex-gedetineerden en is behoorlijk indrukwekkend. Een voorbeeld van stevige discriminatie, doordat zwarten op dit voormalige leprozeneiland gedetineerd werden, terwijl andere rassen aan land werden vastgehouden. Ook kregen ze hier minder te eten en werd er van alles gedaan om de moraal te breken. Intussen verzonnen de gevangenen verschillende listen om de bewakers om de tuin te leiden en zo konden zij die moraal juist hoog houden. Maar het moet een vreselijke tijd geweest zijn! Kennels van 3 bij 3 meter voor de honden, cellen van 2 bij 2 meter voor de gevangenen. Dat zegt genoeg.

De cel van Nelson Mandela

De terugtocht geeft weer goede gelegenheid om de Europa te fotograferen. In Kaapstad duiken we een restaurant in, waar ik jus d’orange met struisvogelburger bestel. Dat is minder lekker dan een struisvogelbiefstuk, zo blijkt. En de patat is op, dus wordt het opgediend met salade. Een beetje nep wel.
Raymond gaat alleen verder, met Melchior en Dineke loop ik door de Victoria & Alfred Mall en omgeving. Leuk: ik kom hier prachtige sjablonen tegen en krijg zin om er enkele aan te schaffen voor… de klas. Uiteindelijk kies ik voor een catalogus met voorbeelden, die ik dan na kan (laten) maken. Toch een teken dat ik stilaan weer aan lesgeven ga denken.

Die baard moet er af, ik ben hem zat - maar dat gaat niet hier gebeuren

Bij Belgisch restaurant “Den Anker” drinken we nog een Dentergems witbiertje, waarna we aan boord gaan eten. Het is er erg rustig: de gasten zijn inmiddels weg, heel veel trainees kiezen er voor uit eten te gaan. De nieuwe bemanning is uiteraard wel aan boord, dat scheelt nog. De rest van de avond besteed ik aan het inpakken van m’n tas (want waarom zou ik dat morgen pas doen) en aan het schrijven van m’n verslag.
En dan: voor de laatste keer te kooi…