Travelwire






Dag 5: Ponta Delgada (Povoaçao)

Woensdag 20 oktober

’s Morgens stap ik om 9.00 uur op de bus van Ponta Delgada naar Povoaçao. Het gaat langzaam, door allerlei kleine dorpjes, waar steeds mensen in- en uitstappen. Om 11.00 uur zijn we er dan toch. Om 16.00 uur moet ik terug zijn, om de volgende (en laatste) bus te pakken. Het scheelt echter veel in de kosten, want gisteren werd mij een aanbod gedaan van meer dan € 150,- (met taxi en gids), en nu denk ik wel goedkoper uit te zijn. Mijn buskaartje kost € 3,44 en de taxi is € 10,-. Verdubbel dit bedrag, en ik heb het voor eenzesde van de prijs voor elkaar. Als het lukt!
Voordat ik een taxi charter, drink ik nog wat. Twee koeken zijn handig voor onderweg. Ook bel ik nog even naar Nederland, om het thuisfront gerust te stellen en om te horen of daar ook nog alles in orde is. Dat is gelukkig zo.
De taxi brengt mij bij het begin van de oude weg naar Nordeste. Ik spreek met de chauffeur af, dat hij mij om 15.00 uur op dit punt komt ophalen. De man is zeer verheugd en zegt dat ik dan straks wel mag betalen. Een teken dat hij mij vertrouwt en dat hij zelf op tijd op de afgesproken plek zal staan.

De wandeling is heerlijk. Bij ‘Serviços Flores’ loop ik toch maar rechtdoor. Kort daarna zie en hoor ik de goudvink! Een korte flits, meer niet; maar ruimschoots voldoende om overtuigd te zijn, dat het werkelijk deze soort is. Een kwartier later doe ik weer een geluidswaarneming en in het verdere van de wandeling gebeurt dat nog tweemaal. Echt goed gezien heb ik de Azorengoudvink dus niet, maar toch maakt dit de rit naar Povoaçao bijzonder geslaagd.
De wandeling omhoog duurt tot 13.35 uur. Dan heb ik een uitzichtpunt op twee bergtoppen bereikt en kan ik met een tevreden gevoel afdalen. Onderweg maak ik nog een praatje met een Zweedse vogelaar, die met zijn vrouw een weekje op São Miguel is. Ze hebben niet veel meer gezien dan ik, ondanks dat ze een huurauto hebben. De Regenwulp en Zwarte Stern prijken op hun lijstje, maar de Sneeuwgors missen ze. Zojuist hebben ook zij de Azorengoudvink gezien, en nog goed ook.
Ik ben om 14.55 uur op de afgesproken plek en om 15.01 uur komt de taxi. De man laat me nog wat mooie plekjes zien, leuke fotostops. In Povoaçao neem ik een pizza tonijn en een biertje. Een fiks maal, dat in korte tijd geconsumeerd moet worden. Dat kan niet goed gaan…

Een monument voor de gevallenen in de Eerste Wereldoorlog, Ponta Delgada.
Je komt dergelijke herdenkingstekens overal ter wereld tegen.
Eenmaal in Ponta Delgada, na een mooie rit, ben ik het goed zat. Niet de reis, maar ik voel dat ik rust nodig heb. Honger zal ik voorlopig niet hebben. Ik neem ijsthee in de jeugdherberg, later op de avond nog een Fanta Lemon. Verder kruip ik onder de douche, waarbij blijkt dat ik m’n ideeën voor morgen beter niet kan doorzetten: ècht veel wandelen is er deze vakantie niet meer bij. Onder mijn rechtervoet zit een enorme blaar, die al open is ook. Maar een licht programma moet nog wel lukken, hoop ik. Ik wil morgen met bus en taxi naar Furnas, daarna naar Lagoa do Fogo en als het lukt ook nog naar het echte Sete Cidades. En daarna vlieg ik terug naar Lajes. Ja, de tijd vliegt! Ik maak een planning en besluit dat ik om 6.30 uur uit bed moet om Furnas en Lagoa do Fogo te kunnen bezichtigen.