Travelwire






Dag 6: Sancti Spiritus - Remedios - Cayo Coco

15 juli

Ook deze dag begint met een vogelspin. Deze keer is-ie wat minder snel weg, dus ik kan er foto's van maken.
We rijden door Sancti Spiritus naar Remedios. Als we hier aankomen, is het tijd voor een bakje koffie. Dan kunnen we meteen beslissen hoe we het weekend door zullen brengen. Want als we aan het strand willen zitten, kunnen we niet in Remedios naar de kerk: daar blijkt de afstand te groot voor. Maar het is de vraag of we bij Cayo Conuco een plekje op de campismo kunnen krijgen en of we dat willen. Campismo's staan niet zo goed aangeschreven, ze zijn vaak druk en vuil. Het alternatief is dan: doorrijden naar Cayo Coco. Daar hebben we op zich wel tijd genoeg voor. We kiezen voor het weekend aan het strand.
Maar nu eerst Remedios, één van de eerste Spaanse nederzettingen op Cuba (1514). Na de koffie is een rondje over Plaza Martí toch wel te doen. Het is net als in Trinidad een oud centrum, authentiek, maar klein en niet zo goed gerestaureerd. Het is in 1692 door brand verwoest. Alleen de Iglesia San Juan Batistista, dertig jaar na de stichting van de stad gebouwd, werd gespaard. Totdat een aardbeving in 1939 het gebouw behoorlijk sloopte. Het is weer hersteld en de kerk ziet er nog steeds indrukwekkend uit. Na wat zoeken lukt het ons om de ingang van de kerk te vinden. Hoewel die eigenlijk op deze tijd van de dag niet open is voor bezichtiging, mogen wij toch naar binnen. Voor vijf minuten dan, vooruit maar. Als we eenmaal binnen zijn vergeet de Franciscaner kloosterbroeder de tijd en vertelt hij ons enthousiast van alles over 'zijn' kerk. Er blijkt bijvoorbeeld een beeld van Maria te staan, waaraan te zien is dat zij in verwachting is; en dergelijke beelden schijnen er niet veel te zijn. Verderop maakt hij een vitrine open, waarin een beeld staat met een schedel aan de voet. Die wordt er uitgehaald en blijkt echt te zijn. Een klein gaatje schuin boven de oogkas laat zien hoe deze persoon aan z'n eind is gekomen. Van wie? Geen idee, zegt onze gids. Na nog enkele bezienswaardigheden verlaten wij de kerk en stappen weer in het volle licht van de Cubaanse zon. Au, dat doet pijn aan je ogen!

Er komt af en toe wat langsrijden!

Tijd om naar Cayo Conuco te gaan. Dit voert ons over een weg vol gaten, met mangrovemoerassen aan beide zijden. Aan het einde van de weg wordt ons duidelijk waar die gaten vandaan komen: er is een kazerne en regelmatig teistert zwaar legermateriaal deze route. Na de kazerne is de weg een stuk beter, het is echter niet ver meer. Aangezien deze campismo vol is, moeten we weer terug, al zigzaggend om de kuilen te ontwijken. In de stad Morón eten we vis met patat, na een forse zoektocht; hoera voor Carlos, die dit toch nog wist te vinden!

Na het eten rijden we door naar Cayo Coco. Carlos mag eigenlijk niet mee, het eiland is exclusief voor buitenlanders; ňf voor Cubanen die een reservering hebben gemaakt voor de campismo of met een bus naar het strand worden gebracht (maar dan wel een strand waar zij mogen komen). Dan moet je wel een rijke Cubaan zijn, want zelfs wij kunnen geen huisje bekostigen. Tenminste, toen Jan bij de eigenaar van de campismo ging informeren of wij er vannacht in onze tenten mogen slapen, zal hij iets dergelijks gezegd hebben. Met positief gevolg, want we mogen de tenten opzetten als de laatste gasten verdwenen zijn en moeten ze afgebroken hebben als morgenochtend de eerste gasten komen.

Een Connexxion-bus verlaat Cayo Coco op het moment dat wij door de toegangspoort gaan.

Nou ja, 'positief gevolg' zei ik? De toiletten zijn goor, de douches geven bijna geen water en het zit hier barstensvol met muggen. Om Jan niet samen met Carlos in de bus te laten stikken, besluiten we dat we de tent niet opzetten, maar met onze klamboe op het grondzeil zullen gaan liggen, vurig hopend dat het vannacht niet gaat regenen en dat er morgenochtend weinig dauw zal zijn. Ik probeer mij zo goed en zo kwaad als het gaat te douchen en voel me toch wel opgefrist en opgelucht als dat gebeurd is. Na mij gaan Ineke en Girtruud onder het slappe straaltje, maar vooral Girtruud moet dat flink bezuren: haar hele rug zit vol met afschuwelijke muggenbulten als ze terugkomt. Ineke vindt het tijd om Ria te hulp te roepen. Die heeft gelukkig pilletjes meegenomen om de jeuk te verzachten. Maar of het echt lekker ligt, betwijfel ik.